In mijn schilderijen zoek ik de onzichtbare grens tussen de realiteit van het beeld en de abstractie van het materiaal.
 Van het beeld dat ik als uitgangspunt neem schilder ik de vorm, de restvorm, het contrast en de structuur en laat daarnaast de verf zoveel mogelijk zijn eigen zeggingskracht hebben.
Zo probeer ik een spanning te vinden tussen de vlakken en lijnen die tegen elkaar aan botsen en bijna een eigen leven gaan leiden maar ook een beeld onthullen of op zijn minst suggereren.

Een dynamiek of misschien wel polemiek tussen waarneming en verbeelding. In het proces wint de ene keer de dwingende vorm van het beeld en de andere keer het mysterie van de verf het.
Steeds kies ik waar houdt het beeld op en waar neemt de materie het over, of andersom.

 

In my paintings I search for the invisible boundery between the natural reality the image reveals and the playfulness abstraction of the material. The picture I use as source material is a starting point for shapes and forms, contrasts and structures, but I also like the paint to have its own eloquence.
So I try to find a tension between the planes and lines that collide against each other and almost live a life of their own but also reveal a picture or at least suggest one.

A dynamic or perhaps polemic between perception and imagination. In this process one time the imperative form of the picture wins and sometimes the mystery of the paint itself rules my choises.
While I am painting I switch in my perception between reality and abstractness and make the decision whether the original image reigns or if the material takes over and vice versa.